Hindoeïsme

Het hindoeïsme wordt door hindoes wel gezien als de moeder van alle religies. Ze noemen hun religie zelf Sanātana Dharma. Dit betekent “de eeuwige wet die ons ondersteunt en overeind houdt”.

Het hindoeïsme is geen eenduidige religie. Er is ook geen sprake van een grondlegger. De religie, waarvan de meeste aanhangers in India wonen, is al zeker zo een 3000 a 4000 jaar oud. De eerste fase van het hindoeïsme is een fase waarin er veel aandacht was voor rituelen. De tweede fase was een fase waarin er vooral aandacht was voor filosofie. In de derde periode kwam er aandacht voor de vele verschillende goden waardoor het hindoeïsme van nu gekenmerkt wordt. Dat wil echter niet zeggen dat er in het hindoeïsme geen sprake meer is van en van filosofie.

Omdat er in het hindoeïsme het geloof is in meerder goden wordt het wel een polytheïstisch religie genoemd. Hindoes geloven echter dat al deze goden, met ieder hun eigen eigenschap, deel uitmaken van een grote bron genaamd Brahman. Ook de ziel van iedereen, de atman, maakt hier deel van uit.

Hindoes beschouwen het wel als doel om de atman weer te laten terugkeren naar Brahman. Als dat gebeurt dan heb je verlichting bereikt. Je bent dan uit de cirkel van wedergeboortes gebroken. Je komt als ziel, als atman, dan niet meer terug in een aards lichaam. Je verkeerd in gelukzaligheid, voor alle eeuwigheid.

 

tekst: Marlon Wong-Sioe, stagiair Fontys Theologie/ Levensbeschouwing 2015